Hoi Elle,
Je leest meestal scherp, maar hier gaat het echt mis in de tijdsaanduiding van Jezus’ woorden.
Je zegt dat Jezus “moest overwinnen om op de troon van zijn Vader te mogen zitten”.
Maar dat staat niet in de tekst; dat wordt erin gelezen (eisegese).
1. De werkwoordstijd is beslissend
In Openbaring 3:21 zegt Jezus:
“…gelijk ook Ík heb overwonnen en gezeten ben met mijn Vader op zijn troon.”
Dat is voltooid: Hij zit al op die troon wanneer Hij dit zegt.
Hij zegt niet: “als Ik eenmaal overwonnen heb zal Ik gaan zitten”.
Nee: Hij heeft overwonnen en Hij zit.
Dat maakt jouw conclusie — dat eerst het overwinningsmoment moest komen vóór Zijn troonzetting — onmogelijk.
De tekst zelf laat geen ruimte voor die chronologie.
2. Jezus claimt pre-existentie en vroegere glorie
Jezus bidt in Joh. 17:5 (Aramees Peshitta prachtig helder):
“Geef Mij de glorie terug die Ik bij U had, voordat de wereld was.”
Hij vraagt dus niet om nieuwe glorie, maar om Zijn eigen, eerdere glorie.
Dat betekent:
Hij bestond al vóór de wereld
Hij had dezelfde hemelse heerlijkheid bij de Vader
Zijn troonrechten zijn niet afhankelijk van een menselijke overwinning, maar horen bij Zijn wezen
3. Openbaring 21:7 ondersteunt juist Zijn goddelijkheid
Je haalt Op. 21:7 aan.
Maar dat is juist de tekst waar Jezus zegt:
“Ik zal hem een God zijn en hij zal Mij een zoon zijn.”
Dat is niet de Vader die spreekt — kijk naar het sprekerscontinuüm vanaf vers 6.
Het is de Heer Jezus Zelf die spreekt als God.
Dat maakt jouw punt dat “Hij eerst moest overwinnen om God te worden voor ons” onmogelijk:
Hij is God, en spreekt als God.
4. “Broeders” én “zonen” is geen probleem
Rom. 8 laat zien dat wij:
broeders van Christus zijn (8:29)
zonen van God zijn (8:14, 8:19)
erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus (8:17)
Dat betekent niet dat wij “zonen van Jezus” worden.
Openbaring 21:7 zegt niet dat wij “zonen van Jezus” worden zoals mensen dat lezen.
Het is een verbondsformule:
“Ik zal hem een God zijn, hij zal Mij een zoon zijn.”
Zoals in heel Tenach:
God → “Ik zal hun God zijn.”
Zij → “Zij zullen Mijn volk zijn.”
Dat bevestigt alleen maar de goddelijkheid van de Spreker.
31
Message Thread
Kringopziener in Alphen - distazo 3/12/2025, 10:07:05
![]()
« Back to index